De werven (±1190-heden)

Daan Claessen Gemeente Utrecht

 

De Utrechtse Oudegracht is niets anders dan een ingenieus middeleeuws havencomplex van werven en werfkelders die onder de straat door in verbinding staan met grote opslagkelders onder de grachtenpanden. 

De bouw en ontwikkeling van de werven en werfkelders zijn in verschillende fases te verdelen. De eerste daarvan begint in de twaalfde eeuw kort na het graven van de Oudegracht. Toen was er weliswaar al een behoorlijk hoogteverschil tussen de laaggelegen kades en de straat met de huizen eraan, maar van werfkelders was nog geen sprake. Alle handelswaar moest eerst de oever worden opgesleept om vervolgens via de keldertrap weer naar beneden te worden gebracht naar de huiskelder van het grachtenpand.


Daan Claessen Gemeente Utrecht

 

Ergens aan het eind van de twaalfde eeuw maakte een slimme handelaar een tunnel onder de straat door. Dat kon omdat alleen de straat eigendom was van de stad, maar de ondergelegen grond inclusief de oever aan de gracht niet. Via de tunnel kon de handelswaar vanaf de werf of kade direct en gelijkvloers naar de huiskelder van het aan de straat gelegen grachtenpand worden versleept. 


Daan Claessen Gemeente Utrecht

 

De bouw van het tunneltje kreeg snel navolging. Bovendien duurde het niet lang of er werden ook perceelsbrede werfkelders met tongewelf gebouwd. Daardoor kon de werfkelder zelf ook voor opslagruimte worden gebruikt. Op den duur werden vrijwel alle tunneltjes door werfkelders vervangen. Rond 1300 waren er al veel nieuwe werfkelders aangelegd.


Daan Claessen Gemeente Utrecht

 

Na 1300 kwam de bouw van de werfkelders aan de Oudegracht pas goed op gang. Nieuwe tunneltjes werden er niet meer gemaakt, waardoor de werfkelders steeds meer een aaneengesloten rij vormden. De werfkelders werden ook steeds vaker afgesloten met een hek of met een bakstenen voorkant. Wel zo veilig voor de opgeslagen spullen!

Maar omdat iedere eigenaar wat anders bouwden, was wel duidelijk te zien dat de werven en de kelders particulier eigendom waren. Dat gold ook voor de bestrating van de werven. De een had keien en de ander klinkers. Ook waren er eigenaren die de werf helemaal niet bestraat hadden.




Daan Claessen Gemeente Utrecht

 

Aan het begin van de zestiende eeuw was de Oudegracht aan beide zijden min of meer volgebouwd met werfkelders. Maar de behoefte aan opslagruimte groeide nog steeds. Aangezien er geen nieuwe werfkelders meer bij konden, werden ze in de eeuwen daarop zoveel mogelijk uitgebreid. Gewelven werden verhoogd en de kelders verlengd, dit laatste veelal ten koste van de werf. Door al die verschillende lengtes van de werfkelders boden de werven in de zeventiende eeuw een totaal ander aanzicht dan vandaag de dag.

 


Daan Claessen Gemeente Utrecht

 

Rond 1900 was langzamerhand het huidige beeld ontstaan. De werfkelders waren nu ongeveer even lang en werden vrijwel allemaal afgesloten met een bakstenen muur met een deur en enkele vensteropeningen. Nog steeds waren de werven particulier bezit, dus van een openbare straat aan de werf was geen sprake. Veel stenen borstweringen bovenaan de straat werden vervangen door ijzeren hekken, die ook wel balies worden genoemd.

 

Voor meer informatie over de Utrechtse werven klik hier